Een filosofie van het wandelen
Category: Architectuur
Door te wandelen ontsnap je aan het idee van identiteit, de verleiding om iemand te zijn, een naam en een geschiedenis te hebben... De vrijheid van het lopen ligt in het niemand zijn; want het wandelende lichaam heeft geen geschiedenis, het is slechts een draaikolk in de stroom van het onheuglijke leven.
In Een filosofie van het wandelen, een bestseller in Frankrijk, beschrijft de vooraanstaande denker Frédéric Gros de vele verschillende manieren waarop we van A naar B komen - de pelgrimstocht, de wandeling, de protestmars, de natuurtocht - en onthult wat ze over ons zeggen.
Gros vestigt de aandacht op andere denkers die wandelen ook als essentieel voor hun praktijk zagen. Tijdens zijn reizen overdenkt hij Thoreau's gretige afzondering in Walden Woods; de reden waarom Rimbaud woedend liep, terwijl Nerval dwaalde om zijn melancholie te genezen. Hij laat ons zien hoe Rousseau liep om te denken, terwijl Nietzsche door de bergen zwierf om te schrijven. Daarentegen marcheerde Kant elke dag, precies op hetzelfde uur, door zijn woonplaats om aan de dwang van het denken te ontsnappen.









